De Doos van Pandora

Een gunstig gesternte

Gerlanus staarde gerustgesteld naar de innemende verschijning van de rijke edelman en zijn forsgebouwde donkerbruine merrie. Voorzichtig slaakte de poortwachter een zucht van verlichting terwijl hij zijn ogen kortstondig sloot. Voor hetzelfde geld was Gerlanus één van de nietsontziende monsters tegen het lijf gelopen. Zijn vechtkunsten lieten ondanks zijn functie als poortwachter zodanig te wensen over dat hij het hoogstwaarschijnlijk niet had kunnen navertellen. Bovendien had hij als trouwe echtgenoot en trotse vader van vijf kinderen op het thuisfront voldoende hongerige monden te voeden. Loriana had hem meermaals gesmeekt om een deftig ambacht te leren of zich om te laten scholen tot handelaar. Gerlanus had de goede raad van zijn eega echter in de wind geslagen en nu stond hij met zijn beste vriend Razon voor de westpoort de wacht te houden.

De warme welkomstwoorden van de ruiter haalden Gerlanus abrupt uit zijn diepe overpeinzing. Met vastberaden stem diende hij de ingebeelde edelman van repliek. “Gegroet Isaac, u moet ongetwijfeld onder een gunstig gesternte geboren zijn om op zulk laat uur nog ongeschonden uit het Schemerige Schimmenwoud te komen.” Nog voordat Isaac de bedeesde poortwachter van repliek kon dienen werd hun gesprek echter verstoord door onachtzaam gestommel. Een hulpeloze dronkaard probeerde zich net voor de westelijke ingang angstvallig staande te houden. Razon wierp een geërgerde blik op de drinkebroer die duidelijk al een tijdje boven zijn theewater was. “De waard van De Gulden Roos heeft overduidelijk gouden zaken gedaan vanavond,” om zijn kwinkslag kracht bij te zetten toverde Razon spontaan een voldane glimlach op zijn gelaat. Gerlanus was behulpzamer van aard en nadat hij zijn glimmende lans tegen de stadswal geplaatst had draaide zich van de jonkheer weg om het waggelende biervat ondersteuning te gaan bieden.

Op dat eigenste moment werd de schemerige avondlucht door een intens zoevend geluid doorkliefd. Als door een bliksemslag getroffen zakte Gerlanus met open mond door zijn knikkende knieën. Zijn ogen rusteloos rondtollend in hun kassen terwijl een dun straaltje bloed over zijn lippen stroomde. Een stevige houten pijl had zich dwars door zijn halsslagader geboord. Gerlanus zijn ergste nachtmerrie was werkelijkheid geworden…

Comments

GeGo

I'm sorry, but we no longer support this web browser. Please upgrade your browser or install Chrome or Firefox to enjoy the full functionality of this site.